‘Kunst die binnenkomt’: een tentoonstelling over privéschenkingen

‘Vrouw op een tentoonstelling’, Léon Spilliaert, 1912, langdurige bruikleen privécollectie, foto: Dominique Provost
Een tentoonstelling over privéschenkingen
Kunst die binnenkomt
Een aanzienlijk deel van onze museumcollectie hebben we te danken aan schenkingen, legaten en bruiklenen. In 2023 nog sloot M bruikleenovereenkomsten af voor twee volledige privécollecties. Tijd voor een tentoonstelling én een terugblik: ‘Zonder schenkingen zou M er compleet anders uitzien.’

‘Vrouw op een tentoonstelling’, Léon Spilliaert, 1912, langdurige bruikleen privécollectie, foto: Dominique Provost
Hoe belangrijk zijn schenkingen voor een museum?
Marjan Debaene, hoofdconservator Oude kunst: “Extreem belangrijk. De basiscollectie van heel veel musea bestaat eruit. Bij ons ook. M zou er compleet anders uitzien als wij eind 19e, begin 20e eeuw niet een paar grote schenkingen hadden ontvangen. Er komen altijd wel schenkingen binnen, maar meestal zijn dat individuele werken, of een paar bij elkaar horende objecten. Maar in die jaren hebben grote verzamelaars ons hun hele collectie cadeau gedaan, honderden en honderden stukken.”
Anne Liefsoens, medewerker collecties en bibliotheek: “Ik ben mijn masterthesis aan het schrijven over dat onderwerp. Die schenkingen pasten echt wel in de tijdsgeest van toen. De staat België bestond nog niet zo lang, en veel kunst- en erfgoedliefhebbers, vooral leden van de burgerij, wilden meebouwen aan de identiteit van het land en van hun streek. Dat kon bijvoorbeeld door lokale kunst en objecten te verzamelen. En als het je echt menens was, die collectie aan het plaatselijke museum te schenken. Zo kon iedereen van die werken genieten, én proeven van die identiteit. Dat zie je niet alleen in Leuven, maar ook in Antwerpen, Brussel, Luik…”
Waarom wijdt M net nu een tentoonstelling aan privéschenkingen?
Marjan: “We hebben in 2023 twee grote bruikleenovereenkomsten afgesloten voor volledige privécollecties. Dat is uniek voor ons, en het is zeker ook niet gangbaar in de museumwereld. Wij hebben het geluk gehad dat die families ons benaderd hebben, en dat het klikte. De eigenaars krijgen de zekerheid dat hun collectie volgens de regels van de kunst bewaard en onderzocht wordt, en wij kunnen de collectie zinvol verrijken binnen de criteria van ons aanwinstenbeleid. Bovendien kunnen we die werken tonen aan ons publiek – er tentoonstellingen mee opzetten die eerder misschien niet in onze mogelijkheden lagen. Want kunstwerken dienen natuurlijk om gezien te worden.”
Anne: “Die bruiklenen hebben ons aan het denken gezet. Als we nu eens een tentoonstelling maken over onze relatie met privé-verzamelaars? Dan kunnen we dieper ingaan op de motieven waarom mensen verzamelen én schenken. Maar we kunnen ook al die mooie werken tonen aan ons publiek.”
Marjan: “We tonen natuurlijk al bruiklenen uit privécollecties in de ‘Collectie van M’ – denk maar aan het portret van Marguerite van Lorraine van Anthony van Dyck, of aan de werken van Albrecht Bouts. Maar dit is echt de eerste keer dat ze het uitgangspunt voor een expo vormen en je er zoveel bij elkaar kan zien. Zoals ze verzameld zijn, als het ware. Daardoor kunnen we focussen op de verzamelingen en het verhaal erachter. Want we merken altijd weer: er zit veel emotie in die collecties. Niet alleen in de werken zelf, maar in wat ze betekend hebben voor de eigenaars – al die liefde die ze erin hebben gestopt. Vandaar ook de titel ‘Kunst die binnenkomt’. Die heeft een letterlijke laag – de werken komen het museum binnen – maar ook een figuurlijke: ze raken mensen. De verzamelaars in de eerste plaats, want anders hadden ze die werken nooit gekocht en hun leven lang bijgehouden. Maar hopelijk ook de bezoekers.”
U zegt?
Wat betekenen de termen ‘schenking’, ‘legaat’ en ‘langdurige bruikleen’ voor een museum?
Schenking
De verzamelaar geeft de kunstwerken aan het museum, dat er de nieuwe eigenaar van wordt.
Legaat
De verzamelaar maakt in zijn testament duidelijk welke kunstwerken die bij zijn of haar dood wil schenken. Een legaat is een intentie. Het museum kan de werken altijd weigeren als ze niet passen in de collectie.
Langdurige bruikleen
‘Bruikleen’ houdt in dat het museum een kunstwerk voor een bepaalde periode – meestal de looptijd van een tentoonstelling – mag lenen. Het is een erg gangbare praktijk in de museumwereld: in de meeste tentoonstellingen zitten wel bruiklenen van andere musea of privépersonen. Langdurige bruiklenen zijn minder gangbaar, zeker als ze afkomstig zijn van privépersonen.
De duur wordt op voorhand vastgelegd en er worden ook afspraken gemaakt over het beheer en onderzoek van de collectie. M heeft daarnaast ook langdurige bruikleenovereenkomsten met onder meer Cera en de Vlaamse Gemeenschap.
De eerste collectie
De kiem van M is een 19e-eeuwse stedelijke collectie die op de tweede verdieping van het stadhuis bewaard werd. Ze bevatte vooral religieuze kunst, maar ook wat landschaps- en portretschilderijen. En heel veel toegepaste kunst: porselein, edelsmeedwerk, militaire kostuums en meubels…

Wolfgang de Smet, ‘Interieur van de Sint-Pieterskerk te Leuven’, 1667, bron: artinflander.be, foto: Dominique Provost
Léopold Vanderkelen (1813-1895) en Maria Mertens (1818–1906)
Léopold Vanderkelen is van 1872 tot 1895 burgemeester van Leuven – 28 jaar, nog altijd een record. Privé én politiek weet hij in de stad een gunstig klimaat te creëren voor de kunsten: er worden standbeelden opgericht, er komt een stadsschouwburg, de kunstacademie beleeft gloriejaren… Het echtpaar Vanderkelen–Mertens heeft een bloeiende wijnhandel, en hun prachtige herenhuis in de Savoyestraat vullen ze met werken van bevriende kunstenaars – onder meer van de indertijd bekende beeldhouwer Jef Lambeaux.

'Militaire roem', Gustave Vanaise, 1889, Collectie M Leuven, bron: artinflanders.be, foto: Dominique Provost
Léon (1856-1915) en Victor Vanderkelen (1851-1931)
Léon en Victor erven alle bezittingen van hun ouders. Léon gaat ook in de politiek: hij wordt gemeenteraadslid en schepen in Leuven, en schopt het zelfs tot senator. De kunsten liggen hem na aan het hart: in het schepencollege probeert hij ieder jaar opnieuw een budget vrij te krijgen voor de oprichting van een Museum voor Schone Kunsten in Leuven. Bij zijn dood erft zijn broer Victor al zijn bezittingen. Victor laat op zijn beurt het ouderlijk huis in de Savoyestraat en een deel van de familiale kunstverzameling na aan stad Leuven. De stadscollectie verhuist naar dat nieuwe museum Vanderkelen–Mertens, genoemd naar de ouders van Léon en Victor.

Victor Vanderkelen (1851-1932), François-Antoine Cavalli, ca. 1867, Collectie M Leuven, bron: artinflanders.be, foto: Dominique Provost
Edward Van Even (1821-1905)
Ook Edward Van Even behoort tot de Leuvense bourgeoisie. Het stadsbestuur stelt hem in 1853 aan tot stadsarchivaris. In die functie levert Van Even een belangrijke bijdrage aan de geschiedschrijving van Leuven. Daarnaast is hij ook een verwoed verzamelaar van kunst, oude drukken en munten. Bij zijn dood laat hij alles na aan zijn ongetrouwde zussen. Die geven het op hun beurt door aan Victor Demunter.

Edward Van Even (1821-1905), stadsarchivaris van Leuven, Omer Dierickx, 1903, Collectie M Leuven, bron: artinflanders.be, foto's Dominique Provost
Victor Demunter (1858-1939)
Net als zijn vriend Edward Van Even is Victor Demunter een gepassioneerd kunst- en muntenverzamelaar. Ook hij behoort tot de Leuvense beau monde: hij is directeur van de Nationale Bank, en de allereerste conservator van het Museum Vanderkelen–Mertens. Op het einde van zijn leven laat hij zijn omvangrijke collectie na aan dat museum. Ze bestaat uit zijn eigen verzameling, maar ook uit de nalatenschap van Edward Van Even. Samen vormen die de belangrijkste schenking die het museum ooit ontvangen heeft.

Kabinet op voet, Onbekende maker, 17e-19e eeuw, Collectie M Leuven, bron: artinflanders.be, foto: Cedric Verhelst

Interieurfoto van de woning van Victor Demunter, 1910, Collectie M Leuven, foto: KU Leuven (Digitaal Labo)
Léon Gauchez (1825-1907)
Gauchez stamt uit een geslacht van Brusselse textielbaronnen. Dankzij het familiefortuin kan hij zich volledig aan zijn passie wijden: kunst verzamelen en verhandelen. Hij koopt ook werk aan van vrouwelijke kunstenaars, onder meer van Camille Claudel – vrij uitzonderlijk in die tijd. Grote delen van zijn verzameling schenkt hij aan een hele reeks Franse en Belgische instellingen. Ook aan Leuven, omdat één van zijn grootvaders uit Leuven afkomstig was. Hij onderhandelt met Edward Van Even over de schenking, maar maakt zich ernstige zorgen over de bewaring van zijn werken in het stadhuis. De zaal op de tweede verdieping is klimatologisch niet geschikt, er is te veel licht, de opstelling is niet naar zijn zin… Uiteindelijk krijgt Gauchez een aparte zaal voor zijn schenking.

Hondengevecht, Paul de Vos, na 1595-voor 1678, Collectie M Leuven, bron: artinflanders.be, foto: Dominique Provost
Auguste Van Ermen (1869-1930)
Auguste Van Ermen is de vreemde eend in de bijt: zoon van een leerlooier en een slagersdochter, en dus niet afkomstig uit de haute bourgeoisie. Maar hij krijgt de kans om rechten te studeren en wordt aangenomen als stadssecretaris van Leuven. Van Ermen is ook erg actief in de verenigingen, het culturele en sociale leven van de stad, en gaat zo deel uitmaken van het netwerk waartoe de Vanderkelens, Van Even en Demunter behoren. Net als zij is hij een groot kunstliefhebber. Hij verzamelt vooral werk van eigentijdse Belgische kunstenaars – belangrijke namen als James Ensor, Eugène Laermans en Théo van Rysselberghe. Ook lokale Leuvense kunstschilders- en tekenaars heeft hij in zijn portefeuille. Bij zijn dood laat hij zijn kunstcollectie na aan het Museum Vanderkelen–Mertens.

'La toilette', Armand Rassenfosse, 1919, Collectie M Leuven, bron: artinflanders.be, foto: Dominique Provost
Paul en Ireen Smeesters-D'Hoore
Paul en Ireen verzamelen oosters porselein: Chinees, Japans, Koreaans… Ze hebben een goede band met de toenmalige conservator van het Museum Vanderkelen–Mertens, die gespecialiseerd is in porselein, en ze bouwen hun collectie uit met het oog op een schenking. Paul legt zich toe op polychroom porselein, Ireen op monochroom. Het echtpaar heeft een grote kennis van zaken en weet perfect wat te kopen en wat niet. Uiteindelijk laten ze bijna 900 objecten na aan het museum, netjes gecatalogiseerd en voorzien van een inventarisnummer.

Chinese borstelhouder, Onbekende maker, 1850-1899, Collectie M Leuven, foto: Pieter de Vries
Van der Velden–Teurlings
De collectie van het echtpaar van der Velden-Teurlings bestaat uit een twintigtal Hollandse schilderijen uit de 17e eeuw en een vijftigtal middeleeuwse houten beelden uit heel Europa. Ze diende om hun huis te verfraaien: het koppel leefde letterlijk tussen die beelden en schilderijen. Maar ze verzamelden met veel kennis van zaken en een duidelijke lijn. Het gaat bijvoorbeeld uitsluitend om religieuze beelden, en de schilderijen zijn voornamelijk stillevens, landschappen en dierenportretten – onder meer van de 17e-eeuwse schilder Paulus Potter. Na de dood van hun ouders besluiten de kinderen de collectie in langdurige bruikleen te geven aan M, dat zelf een grote expertise heeft in middeleeuws beeldhouwwerk. Het museum zal de werken verder onderzoeken en ontsluiten.

‘Landschap met een kip, kuikens, duiven en pauwen naast een stenen muur’, Melchior D'Hondecoeter, ca.1680-1685, langdurige bruikleen collectie Van der Velden-Teurlings, bron: artinflanders.be, foto: Dominique Provost

‘Open schuur met twee ploegpaarden’, Paulus Potter, 1649, langdurige bruikleen collectie Van der Velden- Teurlings, bron: artinflanders.be, foto: Dominique Provost
Privécollectie België
Deze collectie bestaat uit Belgische kunst uit de periode 1900 tot 1930. Ze bevat grote namen als James Ensor, Constant Permeke, Edgard Tytgat, Gustaaf De Smet, Gustave Van de Woestijne en vooral Léon Spilliaert: 30 van de 70 werken zijn van zijn hand. De eigenaars wensen anoniem te blijven. De werken komen naar het museum voor een bruikleen van tien jaar, en vormen een fraaie aanvulling op de eigen collectie. Ze zullen M in staat stellen een mooi beeld te geven van de Belgische kunst in de eerste helft van de 20e eeuw.

Voorlezen aan de uil, Léon Spilliaert, 1900-1946, Langdurige bruikleen privécollectie België, foto: Cedric Verhelst voor M Leuven
Jouw werk of verzameling in M?
Overweeg je zelf om een kunstwerk of verzameling aan M te schenken of na te laten? Neem dan een kijkje op deze webpagina. Als de schenking past in ons collectieprofiel en verwervingsbeleid bekijken we samen wat de verdere stappen zijn.

‘Vrouw op een tentoonstelling’, Léon Spilliaert, 1912, langdurige bruikleen privécollectie, foto: Dominique Provost